De eerste blackwaterduik
Nachtelijke migratie
Tijdens een gewone nachtduik bezoek je als duiker doorgaans dezelfde plaatsen als overdag. Enkel de lichtomstandigheden zijn veranderd. De nachtdieren worden actief en soorten die zich overdag verschuilen, laten zich nu gemakkelijker zien. Bij een blackwaterduik speelt zich echter iets veel groters af.
In de oceanen vindt elke nacht een indrukwekkend natuurfenomeen plaats: de verticale migratie. Overdag houden vele zeedieren zich schuil op grote diepte. Na zonsondergang trekken gigantische hoeveelheden plankton en andere diepzeedieren massaal naar de oppervlakte om daar voedsel te zoeken. De duisternis biedt hen daarbij de nodige bescherming.
Tijdens een zogenaamde blackwaterduik bevind je je letterlijk midden in die migratiezone. Daardoor krijg je dieren te zien die normaal gesproken ver buiten het bereik van duikers blijven. Een blackwaterduik is dan ook een heel bijzondere vorm van nachtduiken. Je duikt namelijk niet langs een kleurrijk koraalrif, rotsformaties of boven een zandbodem, maar op open zee. De zeebodem bevindt zich honderden en op sommige locaties zelfs duizenden meters diep onder je. In de duisternis lijkt het alsof je zweeft in een bodemloze oceaan.
Voorbereiding en ongelukkige start
Ik had uiteraard al over blackwaterduiken gelezen en vooral prachtige foto's zien passeren van de meest merkwaardige zeedieren. Als gepassioneerd duiker en onderwaterfotograaf stond een blackwaterduik dan ook al lange tijd hoog op mijn verlanglijstje. Tijdens mijn laatste duikreis naar Anilao op de Filipijnen kreeg ik eindelijk de kans om mijn eerste blackwaterduik te maken.
Bij het invallen van de schemering varen we uit. Na ongeveer een half uurtje stoppen we ergens op open zee. Intussen is het volledig donker geworden. Alleen de maan zorgt nog voor een beetje sfeervol licht. In de verte zijn nog enkele lichtjes van de kust zichtbaar, samen met hier en daar een lichtje van een boot. Hier, ver weg van stedelijke verlichting, valt het ons op hoe helder en indrukwekkend de sterrenhemel eigenlijk is.
De gidsen maken ondertussen een boei klaar met een lange lijn waaraan op regelmatige afstanden enkele krachtige duiklampen zijn bevestigd. Niet veel later wordt de verlichte boei te water gelaten. Wij blijven nog zeker een half uurtje aan boord wachten, zodat het licht van de lampen alvast het plankton kan lokken. In de tussentijd drijft de boei langzaam met de stroming mee, op de voet gevolgd door onze boot.
Voor we aan ons blackwateravontuur kunnen beginnen, krijgen we nog een uitgebreide briefing. Het is belangrijk om tijdens de duik steeds visueel contact te houden met de verlichte lijn. Als fotograaf vraagt dat toch wat extra aandacht wanneer je voortdurend door de zoeker van je camera kijkt. Niemand wil hier in de duisternis de boot kwijtraken, dus houden we ons daar netjes aan. De maximale diepte wordt beperkt tot 25 meter, maar al snel blijkt dat die limiet nauwelijks een rol speelt. De meeste dieren bevinden zich immers veel dichter bij de oppervlakte.
Bij het te water gaan loopt het bijna meteen fout. Zoals gewoonlijk ga ik met een achterwaartse rol het water in en wacht ik even tot iedereen van boord is. Daarna wil ik terug naar de boot zwemmen om mijn camera aan te nemen. In het donker zie ik echter de drijvers van de boot niet en krijg ik plots een klap tegen mijn hoofd. Gelukkig ben ik niet gewond, maar door de klap verlies ik wel mijn masker. Ik heb nog net de reflex om het masker op de tast te zoeken, maar het is al verdwenen. Wanneer mijn buddy’s enkele seconden later meehelpen zoeken, is mijn masker waarschijnlijk al op weg naar de zeebodem. Bijna valt mijn eerste blackwaterduik in het water. Gelukkig heeft iemand nog een reservemasker aan boord. Het past misschien niet perfect, maar op dat moment is alles beter dan zonder masker aan boord te moeten blijven.
Wereld van transparante dieren
We dalen af en verspreiden ons rondom de verlichte lijn. Het is even wennen om zonder duidelijke referentie te duiken. De lijn met de lampen is echt ons enige referentiepunt. Een goede trim en een stabiele houding zijn daarom extra belangrijk. Het duurt even voor we iets interessant zien passeren. De meeste dieren zijn immers volledig transparant en vallen daardoor bijna niet op in de donkere waterkolom. Zodra onze ogen aan de duisternis gewend zijn, spotten we de eerste beestjes.
Sommige dieren zijn minuscuul, andere weer verrassend groot. We zien de meest bizarre creaturen passeren: kleine garnaaltjes en andere kreeftachtigen, lange slierten geleiachtige organismen en een heleboel dieren waarvan ik geen flauw idee heb wat ik nu eigenlijk gezien heb. Vele dieren bevinden zich immers nog in een larvaal stadium en lijken nauwelijks op de volwassen exemplaren. Een van de meest bijzondere ontmoetingen is een octopusje van slechts enkele millimeters groot dat op mijn hand beschutting zoekt.
Zelfs na de duik doe ik nog enkele ontdekkingen. We zien regelmatig kwalletjes met kleine visjes die tussen hun tentakels bescherming zoeken. Achteraf ontdek ik op sommige foto’s nog meer visjes en zelfs een klein inktvisje in de klok van een kwal.
Het feit dat de meeste dieren transparant zijn, maakt blackwaterfotografie trouwens bijzonder uitdagend. Regelmatig zie ik een interessant onderwerp, maar kan ik het niet terugvinden door de zoeker van mijn camera. Wanneer ik vervolgens mijn camera even laat zakken, blijkt het dier alweer in de duisternis verdwenen. Ook de autofocus van mijn camera heeft het regelmatig lastig om scherp te stellen op die transparante beestjes. Het resultaat is dan ook een flinke verzameling onscherpe foto's.
Onvergetelijke ervaring
Ondanks die kleine frustraties blijft het een fantastische ervaring die ik niet snel zal vergeten! Mijn foto's zijn misschien niet zo spectaculair als sommige foto's die ik elders heb gezien, maar dat geeft niet. De ervaring zelf is absoluut de moeite waard en zeker voor herhaling vatbaar. Ook mijn mededuikers, onder wie verschillende niet-fotografen, komen na hun duik erg enthousiast weer aan boord.
Op de terugweg vraag ik me af of een blackwaterduik misschien ook in de Oosterschelde mogelijk zou zijn.





