Sepiatentjes maken en plaatsen
Sepia's in de Oosterschelde
Zodra in het voorjaar de watertemperatuur in de Oosterschelde ongeveer rond de 10 à 12°C bedraagt, verschijnen de eerste sepia's. Het is paartijd en de sepia's komen zich hier voortplanten. De mannetjes hebben enkel nog oog voor de vrouwtjes en proberen rivaliserende mannetjes op afstand te houden. De vrouwtjes zetten ondertussen geduldig hun eitjes af. Wij duikers kunnen vanop de eerste rij genieten van dit prachtige schouwspel.
De sepia-eitjes worden door het vrouwtje vakkundig bevestigd aan allerlei natuurlijke obstakels, zoals bijvoorbeeld de koker van een kokerworm. De eitjes worden ook nog voorzien van een laagje zwarte inkt om het embryo te beschermen tegen roofdieren Op het einde van het paarseizoen kan je wel eens witte doorzichtige eitjes vinden. Dat betekent dat het vrouwtje door haar voorraad inkt heen zat. Je kan het embryo dan in het ei waarnemen.
De laatste jaren staat de sepiapopulatie echter onder druk. Sepia's worden niet alleen gevangen voor consumptie, maar zetten vaak ook hun eitjes af op fuiken. Duikers trachten de sepia's hier een handje te helpen door onder water constructies te plaatsen, waarop de sepia's hun eieren kunnen afzetten. De sepia's vinden zo gemakkelijker een geschikte plaats om hun eitjes af te zetten en wij duikers zien weer meer sepia's. Ideaal, nietwaar?
Na jaren toekijken besloot ik zelf mijn steentje bij te dragen. Maar hoe begin je daar nu aan?
Materiaal en voorbereiding
Voor de constructie gaat de voorkeur naar natuurlijke, biologisch afbreekbare materialen zodat er achteraf geen afval achterblijft. Traditioneel worden er vaak wilgentakken of bamboe gebruikt. Die heb ik echter niet direct beschikbaar, maar mijn vlinderboom levert bij de jaarlijkse snoei ook wel redelijk rechte takken. Ik sorteer de takken op lengte en bind ongeveer 5 à 6 takken samen tot een tipi-vormige constructie. Even vastzetten met een stukje plantaardig touw en de sepiatentjes zijn klaar.
Plaatsing
Begin april doe ik in onze duikclub een oproep om enkele helpers te vinden om de sepiatentjes mee te gaan plaatsen. Kandidaten in overvloed, maar wegens volle agenda's was het toch niet evident om een datum te prikken. Uiteindelijk plannen we de duik op 26 april. Dat is al redelijk laat op het seizoen. De eerste sepia's zijn ondertussen immers al gespot, maar beter laat dan nooit.
Voor de duiklocatie kiezen we Strijenham. Daar stonden de voorbije jaren nog weinig of geen sepiatentjes en het is bovendien zo ongeveer het huisrif van onze duikclub.
Last-minute moet er nog iemand afzeggen, waardoor we uiteindelijk met 3 duikers zijn: Jurgen, David en ik. Omdat we met een oneven aantal zijn, is het plan om als één team samen te werken. Ik zal de tentjes in de bodem plaatsen en mijn twee buddies zullen elk een pakket met takken transporteren en afwisselend een tentje aangeven.
Op de duiklocatie verdelen we eerst de sepiatentjes in twee even grote bundels, die we telkens met een loodgordel samen houden. Aangezien zo'n pakket houten takken toch een flink drijfvermogen heeft, brengen we de pakketten eerst naar de waterkant voor de uitloding. We hebben ongeveer 3 à 4 kg lood nodig per bundel.
Na deze voorbereidingen zijn we eindelijk klaar om te water te gaan. Jammer genoeg is de zichtbaarheid in de Oosterschelde momenteel belabberd wegens de algenbloei. Maar vandaag trekken we ons daar niks van aan, want we hebben immers een heel andere missie dan de fauna en flora te bewonderen. Het plaatsen van de stokken in de zandbodem zal sowieso ook wel het nodige stof doen opwaaien.
Het plan is om de sepiatentjes in de zone tussen de 6 en 10 meter diepte te plaatsen, waar het harde substraat over gaat in zandbodem. Om de constructies stevig te verankeren moeten de stokken namelijk voldoende diep in de bodem zitten. Zelfs op die zandbodem moeten we regelmatig een nieuwe plaats uitzoeken als blijkt dat er onder het zand toch harde obstakels verborgen zitten waardoor ik de stokken niet diep genoeg in de bodem krijg.
Naarmate de duik vordert en de bundels takken steeds dunner worden, krijgen mijn twee buddy’s het wel steeds lastiger. Tegen het einde van de duik zeulen ze immers rond met een loodgordel met daaraan zo'n 3 à 4 kg overbodige ballast. Dat wordt snel duidelijk als ik aan Jurgen voorstel om het laatste tentje zelf te plaatsen. Behulpzaam neem ik zijn loodgordel over en prompt verdwijnt hij bijna richting oppervlakte. Met een snelle reactie kunnen we dat nog net vermijden, maar volgende keer misschien toch maar net iets minder lood gebruiken?
Ondanks de slechte zichtbaarheid verloopt ons teamwerk uitstekend. Na een klein uurtje zijn alle tentjes geplaatst en keren we tevreden om richting de trap. Ik wil eigenlijk ook nog graag een paar foto's maken van onze tentjes, maar met deze zichtbaarheid zal dat moeten wachten tot een andere keer.
Twee maanden later staan onze sepiatentjes nog steeds stevig verankerd en hangen ze bijna allemaal vol met verse sepia-eitjes. Missie geslaagd!
Conclusie
Zelf sepiatentjes maken en plaatsen is dus helemaal niet zo moeilijk en bovendien een erg leuke en zinvolle activiteit. Hopelijk dragen onze inspanningen bij tot de volgende generatie jonge sepia’s. Als duiker is het toch fantastisch om sepia's in hun natuurlijke omgeving te kunnen bewonderen en dat willen we graag nog lang blijven doen. Dus wij zijn volgend jaar weer van de partij!